Verdenking poging tot afpersing centraal in Delfste strafzaak

In het AD is een artikel verschenen over een zaak waarin mr. Micha Jonge Vos bijstand verleend aan een cliënt die verdacht wordt van moord. Het artikel is te lezen via aceasta link. Hieronder treft u een samenvatting van dit artikel aan.

Voor de rechtbank Den Haag diende onlangs een zaak waarin twee mannen worden verdacht van een poging tot afpersing in een Delftse woonwijk. Het Openbaar Ministerie stelt dat de mannen zich hebben voorgedaan als leden van een motorclub en een bewoner onder druk zouden hebben gezet om een vermeende schuld van 12.000 euro te betalen.

Avocat Micha Jonge Vos staat één van de verdachten, de 35-jarige Carlo M., bij. Hij betwist namens zijn cliënt zowel de feiten als de wijze waarop het OM het bewijs presenteert.

Confrontatie bij woning: volgens OM ‘maffioos incassoduo’

De zaak draait om een gebeurtenis op 13 mei, toen de bewoner van een woning in de Delftse Molenbuurt bij thuiskomst door drie mannen werd opgewacht. Volgens het OM zouden de mannen hebben gedreigd diezelfde avond terug te komen indien niet werd betaald.

Ook in aanwezigheid van politieagenten werd het slachtoffer later op de avond opnieuw gebeld door telefoonnummers die te herleiden zouden zijn naar de twee verdachten. Tijdens deze gesprekken werd opnieuw gedreigd met geweld.

Standpunt van de verdediging: twijfel aan zendmastgegevens

Het OM baseert zich onder meer op zendmastgegevens waaruit zou blijken dat de twee verdachten rond het tijdstip van de bedreiging in Delft waren. Mr. Jonge Vos betwist deze conclusies namens zijn cliënt.

Volgens M. was hij die avond elders aan het werk en ging hij daarna naar huis. De gegevens bieden volgens de verdediging onvoldoende zekerheid over daadwerkelijke aanwezigheid op de locatie van de vermeende afpersing.

Aanhouding in Schiedam en betwiste interpretaties

De volgende dag werden de verdachten aangehouden bij een restaurant in Schiedam. In de auto trof de politie een omgebouwd gaspistool, munitie en een mes aan. Het OM stelt dat dit past in een patroon van intimiderend gedrag.

M.’s verdediging benadrukt dat er geen sprake was van geweldsvoornemens en dat M. slechts werd gevraagd te bemiddelen in een financieel conflict tussen bekenden. Volgens mr. Jonge Vos is zijn cliënt “voor het karretje gespannen” en wordt zijn rol door het OM zwaarder voorgesteld dan deze was.

Strafeis en pleidooi

Het Openbaar Ministerie eist anderhalf jaar gevangenisstraf tegen Carlo M., met aftrek van voorarrest. Mr. Jonge Vos pleitte echter voor een aanzienlijk lagere straf, gezien het beperkte strafblad van zijn cliënt en de zware persoonlijke gevolgen die de zaak al heeft gehad.

M. gaf tijdens de zitting aan dat hij “een stomme fout” heeft gemaakt, maar dat hij nooit de bedoeling had om geweld te gebruiken. Zijn bedrijf ligt stil en zijn privéleven staat onder druk, factoren die volgens de verdediging moeten meewegen.

De rechtbank doet uitspraak op 17 december.

echipă
Avocați Kötter L'Homme Plasman

  Aici cea mai mare
nivelul posibil de
  asistență juridică
      urmărit 

December 4, 2025
Advocaat Micha Jonge Vos van Kötter, L’Homme & Plasman Advocaten staat een van de verdachten bij in een Delftse strafzaak waarin het Openbaar Ministerie spreekt van vermeende ‘maffiose incassopraktijken’. Zijn cliënt, Carlo M., zou betrokken zijn geweest bij een poging tot afpersing, maar Jonge Vos betwist de betrouwbaarheid van het door het OM gebruikte bewijs, waaronder zendmastgegevens. De rechtbank doet uitspraak op 17 december.
December 3, 2025
In HLN verscheen een artikel over de ontuchtzaak tegen Marco Borsato, waarin mr. Peter Plasman namens het minderjarige slachtoffer optreedt. Plasman benadrukt dat de verdediging van Borsato probeert af te leiden van de kern van de beschuldiging door randverhalen. De strafrechtadvocaat stelt dat alle bijzaken irrelevant zijn: het gaat enkel om de vraag of Borsato het meisje ongepast heeft aangeraakt. Zijn cliënte vraagt geen celstraf of geld, maar erkenning.
November 24, 2025
Tijdens zittingsdag 6 in de strafzaak tegen ‘Walid’ hebben mr. Simcha Plas en mr. Jordi L’Homme betoogd dat Nederland geen rechtsmacht heeft over de tenlastegelegde mensensmokkel. Volgens de verdediging zijn de feiten volledig in Afrika gepleegd en ontbreekt een concreet aanknopingspunt met Nederland. Ook zou de identiteit van de verdachte niet vaststaan en schiet het bewijs tekort: getuigenverklaringen verschillen sterk en zouden beïnvloed kunnen zijn door sociale media.
RO